|
> Attractielijst
> Locatie
> Recentste bezoek 17 september 2007 > Reportage Alton Towers in Alton, nabij Stoke-on-Trent in Engeland, is een park met een rijke geschiedenis. We gaan helemaal terug naar de 8e eeuw toen Alveston Lodge werd gebouwd, een fort uit hout en steen dat werd gebouwd op Bunbury Hill. Het landgoed kwam sinds de 15e eeuw in handen van de Graven van Shrewbury. Het was de 15e Graaf, Charles Talbot, geboren in 1753 die opdracht gaf om een groots kasteel te bouwen op Bunbury Hill wat resulteerde in één van de mooiste gotische gebouwen van Engeland: Alton Towers was geboren. Daarnaast stonden twee architecten in voor het ontwerpen van de tuinen nabij de Towers. De 16e Graaf van Shrewsbury vervolledigde de werken van zijn voorganger en liet nog meer tuinen aanleggen. De tuinen groeiden uit tot de alom gekende Gardens en waren toegankelijk voor het publiek sinds 1860. Ondanks hoge bezoekersaantallen tot 30.000 personen per dag werd het fortuin van de Graaf steeds kleiner en kleiner waardoor het landgoed stilaan in verval geraakte. Het is pas in 1924 dat The Towers en The Gardens opnieuw leven werden ingeblazen door William Bagshaw. Het oude landgoed werd in zijn originele staat hersteld. Tijdens de periode rond de tweede wereldoorlog (1939-1951) werden The Towers ingepalmd voor militaire doeleinden, maar vanaf 1952 heropende het park. Om jong en oud te plezieren, kwamen er meer en meer kermisattracties richting The Towers en het idee om een groots attractiepark te starten kwam langzaam maar zeker tot stand. In 1973 voegde John Broome een treinparcours, een speeltuin en een zeeleeuwenzwembad toe, maar het is vooral de eerste achtbaan Corkscrew (1980) die ervoor zorgt dat het park zich verder ontwikkelt als populair attractiepark. In de loop van de jaren '80 wordt het park verder uitgebreid met klassieke attracties zoals The Log Flume (1981), de darkride Around the World in Eighty Days (1981), de indoorcoaster Black Hole (1984), 4 Man Bob (1985), Grand Canyon Rapids (1986), de wilde muis Alton Mouse (1988), de achtbaan The Beast (1988) en de spectaculaire coaster Thunder Looper (1990). Ondertussen had Tussauds zijn oog laten vallen op het park nabij Stoke-on-Trent. In 1987 was Tussauds samen met John Wardley gestart aan de ontwikkeling van Chessington: World of Adventures. Wardley maakte van een troosteloze zoo met circus en oude kermisattracties een levendig park met toppers zoals de suspended coaster Vampire en de darkride Professor Burps Bubbleworks. Tussauds had grootse plannen met Chessington, maar door allerhande restricties was het vrijwel onmogelijk om nog grote sensationele attracties te openen. Ook geografisch lag het park niet ideaal om een grote massa op de been te brengen. Tussauds ging op zoek naar een park dat centraler in het land lag en waar er nog voldoende uitbreidingsmogelijkheden waren. Eind 1990 kwam Alton Towers in handen van Tussauds en in 1991 startte John Wardley met talloze ontwerpen. Het is dankzij deze man dat Alton Towers op de wereldwijde toplijst staat. Zijn uitdagende ontwerpen leverden op korte tijd heel wat topattracties af die hetzij thematisch, hetzij qua ritervaring hoog boven de middelmaat scoren. In 1992 opende Tussauds de Runaway Mine Train en The Haunted House, maar het is vooral in 1994 dat ze hoge ogen gooien met Nemesis, de eerste B&M in Europa. Oblivion (1998), Hex (2000) en Air (2002) vervolledigen het rijtje aan bijzondere attracties. Tussauds werd in 2005 geheel onverwacht overgenomen door Dubai International Capital. In 2007 werd de parkengroep opnieuw verkocht, ditmaal aan Merlin (Blackstone) die ook eigenaar is van Gardaland en de vele Sea Life Centres. In de zomer van 2007 kocht Prestbury Investments het park, maar momenteel verhuren zij het terug aan Merlin. Concreet betekent dit dat Merlin instaat voor de dagelijkse leiding in het park. Wanneer je aankomt op de reusachtige parking van Alton Towers kan je met de Monorail naar de ingang van het park gebracht worden. Dit geeft meteen een erg grootse indruk die doet denken aan het Walt Disney World Resort in Orlando waar je jezelf ook door middel van een monorail naar de ingang van de parken kan transporteren. De Monorail opende in 1987 aangezien de parking zo'n anderhalve kilometer van de ingang aflag. Tijdens de rit met de Monorail passeer je langs de drie grote themagebieden Forbidden Valley, Gloomy Wood en Katanga Canyon. Op die manier krijg je al een glimp van het park te zien waardoor menig passagier van de Monorail al kwijlend vanachter de ramen zit te kijken naar hetgeen hem die dag te wachten staat. Wanneer je het park binnengaat ligt voor je Towers Street, een brede laan die sinds 1986 fungeert als ingangszone. De naam van deze Main Street hoeven we niet ver te zoeken want aan de horizon van deze zone worden we getrakteerd op een adembenemend zicht op de statige Towers. De Towers Street is door midden gesneden met een aantal grasvelden die voorheen bezaaid waren met fleurige bloementapijten. Zonde dat men nu geen spectaculaire bloementapijten meer aanlegt, want het geeft meteen een frisse indruk. Nog in de Towers Street vind je de Frog Fountain -een fontein met een aantal waterspuitende kikkers- en heel wat shops waar je souvenirs of iets lekkers kan kopen. Ten slotte vind je nabij Towers Street één van de drie stations van de Sky Ride, een logge skilift die drie uithoeken van het park met elkaar verbindt: Towers Street, Forbidden Valley en Ug Land. De Sky Ride opende in 1987 en is -net als de Monorail- vooral bedoeld om je tijdsbesparend doorheen het park te verplaatsen. Een rit met de Sky Ride is niet echt boeiend, maar het gedeelte over The Gardens biedt je toch een mooi uitzicht over de vallei. Het hoogste punt boven de vallei is maar liefst 61 meter hoog. Wanneer we na de Towers Street met de klok meedraaien komen we eerst terecht in Merrie England. Het is zeker één van de minst interessante zones in het park met een overdaad aan spelletjes- en eetkraampjes in het decor van een oud Engels dorpje. Vooral de Games Gallery is een draak en het is een gedeelte waar je blij bent als je erdoor bent. Je vindt er twee attracties. De Tea Cups is een standaard theekopjesmolen van Mack die je al sinds 1986 in het park vindt. Sinds 1981 vind je in Alton Towers The Log Flume, in die tijd de langste wildwaterbaan van Europa met een parcours van bijna 900 meter lang. Het is dan ook geen wonder dat de rit zo'n vijf minuten duurt. The Log Flume had oorspronkelijk een Canadees thema waarin je in uitgeholde boomstammen over de wildwaterbaan vaarde. Later werden langs het parcours statische dinosaurussen geplaatst, afkomstig van Dinosaur Land, een wandelroute die je van 1981 tot en met 1984 in het park kon ontdekken. The Log Flume was jarenlang één van de populairste familieattracties in het park, maar aan het begin van deze eeuw was de wildwaterbaan in een verouderde staat. In 2004 kreeg de baan een noodgedwongen opfrissing met nieuwe boten in de vorm van luxe badkuipen, een licht aangepast station, douchekoppen aan de zijkant van het parcours en een aantal eenden tijdens de tunnelsecties. Toch mocht het niet echt baten: The Flume is nog steeds een relatief standaardbaan met heel lange -maar eerder saaie- vaargedeeltes tussen de bomen en drie drops waarvan één in complete duisternis en daarmee de meest geslaagde. De laatste drop van The Flume heeft een hoogte van tien meter wat voldoende is om je met een matig nat pak uit de attractie te laten stappen. In Merrie England kon je vroeger ook naar de film: in 1982 opende de Cine 360 waarbij een film 360° werd geprojecteerd in een reusachtige parabolische tent. De Cine 360 werd in 1988 vervangen door de 3D Cinema. Sinds 2004 is de attractie gesloten: de zaal is nog steeds aanwezig en wordt momenteel niet gebruikt. In het hart van Alton Towers vind je Katanga Canyon, een Afrikaanse themazone met twee avontuurlijke attracties. Katanga Canyon is een mooi themagebied met vooral veel groen en bruggetjes, vaak over het traject van de Congo River Rapids. Deze rapid river opende in 1986 als de Grand Canyon Rapids en was destijds het grootste project op attractiegebied in Alton Towers. De voormalige parking werd op één jaar tijd omgetoverd tot een natuurrijke omgeving met een waterreservoir en een vaargeul voor de ronde boten. In 1992 werd deze Intamin rapid river thematisch aangepast door John Wardley opdat hij beter zou passen binnen de Afrikaanse zone. Er werden meer paden en bruggen aangelegd die een beter zicht bieden op het wateravontuur en zijn omgeving. De Congo River Rapids is een goede rapid river met kleine boten die een woelig parcours afleggen van bijna 800 meter. Langs het parcours zijn er heel wat verraderlijke golfmachines en watervallen die het extra avontuurlijk maken. De interactie met de omgeving is nagenoeg perfect en dankzij de zorgvuldige integratie in de groene omgeving lijkt het alsof de attractie er altijd al geweest is.
De Runaway Mine Train zag het levenslicht in 1992 met een parcours dat regelmatig datgene van de Congo River Rapids doorkruist. De Runaway Mine Train was de eerste grote investering van Tussauds die het park hadden gekocht in 1990. Het was tevens het eerste project van John Wardley die eerder meewerkte aan de ontwikkeling van Chessingon: World of Adventures en later de monstercoasters Nemesis, Oblivion en Air zou introduceren in het Engelse Alton. Alhoewel de Runaway Mine Train een creatie is van Mack en een topsnelheid heeft van amper 35 km/u is het een leuke attractie waar jong en oud heel wat plezier op kan beleven. De elektrisch aangedreven trein legt tweemaal het bochtige parcours van 450 meter af. Het absolute hoogtepunt is de duik in een donkere tunnel. In deze tunnel varen ook de boten van de Congo River Rapids wat een leuke interactie geeft. De Runaway Mine Train is een aangename familiecoaster met een verrassend ritverloop. Wanneer we verder het park intrekken komen we terecht in een duistere omgeving met ondoordringbare bossen. Aan het einde van een smal pad doorheen dit woud komen we terecht op een sfeervol pleintje met een statig huis. In Gloomy Wood vinden we maar één attractie terug, maar wat voor één: in het spookhuis Duel kom je oog in oog te staan met zombies en afschrikwekkende monsters. Duel was niet de eerste spookattractie in Alton Towers. In 1981 opende op de locatie van het huidige Cred Street een loopspookhuis. In Doom and Sons werd je uitgenodigd voor een wandeling in een zonderling huis waar je doorheen diverse deuren en kamers kon dwalen en geconfronteerd worden met skeletten, spoken en schrikwekkende speciale effecten. Doom and Sons werd gesloten in 1992 toen in het Gloomy Wood The Haunted House werd geopend. Na een wandeling doorheen een verlaten kerkhof kon je The Haunted House betreden waar je door middel van doombuggies een rondleiding kreeg. De attractie werd in 2003 aangepast met interactieve laserpistolen en staat sindsdien bekend als Duel. Vlak voor de ingang vind je een graftombe met een zombie met op de achtergrond een sfeervolle griezelige soundtrack. De sfeer wordt nog aangewakkerd wanneer je het huis binnenwandelt. De controversiële chirurg Dr. Roodyn is spoorloos verdwenen tijdens zijn onderzoek rond reanimatie van de doden. Als je door het duistere gangenstelsel van The Haunted House wandelt, zie je op televisies nieuwsberichten van een zombieplaag in Alton. Is het experiment van Dr. Roodyn uit de hand gelopen? Gewapend met je laserpistool ga je op onderzoek doorheen de donkere kamers van The Haunted House. Ben jij sterk genoeg om de zombies te verslaan? De rit zelf is erg gelijkaardig aan die van The Haunted House: in je persoonlijke doombuggy word je langsheen heel wat spannende scènes gevoerd boordevol schrikeffecten: spoken zweven langsheen het plafond, monsters springen vanachter donkere hoeken en talrijke zombies slepen zich doorheen de duistere gangen van The Haunted House. Alhoewel de effecten vaak wat goedkoop zijn, is de algemene sfeer in de attractie erg geslaagd. Het interactieve aspect is verwaarloosbaar en de attractie is ook leuk als je enkel toekijkt. Sinds dit jaar kan je vanuit Gloomy Wood naar Merrie England via de shortcut Haunted Hollow. Langsheen dit pad, aan de rand van The Gardens en gedeeltelijk op de oude locatie van de treinrondrit Park Railway die operationeel was van 1953 tot 1996, wandel je langs een aantal spookachtige beeldhouwwerken en sprekende graftombes. Allicht een sfeervol pad tijdens de donkere uren of tijdens de Halloween periode, maar tijdens het zomerseizoen is het eerder een ongezellig en doods pad.
Helemaal in een uithoek van Alton Towers ligt Forbidden Valley, ongetwijfeld het mooiste en boeiendste gebied van het park mede dankzij de twee superbe achtbanen die je hier kan vinden. Het ontstaan van deze zone brengt ons helemaal terug naar 1990 toen Thunder Looper werd geöpend. De Thunder Looper was één van de meest populaire attracties in het park en was gelijkaardig aan de Sirocco in Walibi Wavre. Vanuit het station werd je aan 85 km/u gelanceerd richting een indrukwekkende looping en helling. Vervolgens legde je datzelfde parcours achterwaarts af. Met zijn hoogste punt op 42 meter kwam de Thunder Looper hoog boven de boomtoppen uit en produceerde de lancering en looping erg veel lawaai voor de omwonenden en de dieren uit de omgeving. In 1996 verdween de Thunder Looper. Thunder Valley kende nog meer coastergeweld in het pre-Nemesis tijdperk met The New Beast, een Schwarzkopf Jet Star die sinds 1988 nabij Cred Street stond opgesteld, maar vanaf 1992 de Thunder Looper kwam vervoegen in Thunder Valley. The New Beast stond er tot en met het seizoen 1997. Ten slotte stond ook de kindercoasterThe Beastie een aantal seizoenen tijdens de jaren '90 in Thunder Valley, vooraleer hij verhuisde naar zijn huidige locatie in Adventure Land. Ondanks het rijke coasterverleden van dit parkgedeelte was het vooral de komst van Nemesis die het park op de kaart zette als een Engels coasterparadijs. Al sinds 1991 was John Wardley bezig aan een prestigieus project. Samen met Arrow werkte hij rond het concept van een pipeline coaster gethematiseerd rond een militaire basis waar een geheim wapen werd getest. Dit idee ontstond mede door de industriële look van de coaster en de treinen die net zich zoals een kogel doorheen het traject verplaatsten. De codenaam voor dit project werd daarom Secret Weapon 1, maar wegens technische en budgettaire problemen werd het project geannuleerd. Eén jaar later werd het project opnieuw uitgewerkt als Secret Weapon 2, maar Wardley was niet overtuigd. Nadat hij het prototype had uitgetest was hij allesbehalve tevreden: hij vond het ritverloop saai en traag. Het totaalplaatje zag er bovendien lelijk uit en de attractie was helemaal niet kostenefficiënt. Het idee van een pipeline coaster werd definitief de geschiedenisboeken ingestuurd. Ondertussen bleek Wardley erg onder de indruk van Batman: The Ride in Six Flags Great America die opende in 1992. Hij wou een kopie van deze baan meteen naar Alton Towers halen, maar omwonenden protesteerden: deze moderne coaster zou veel te veel lawaai produceren en bovendien boven de boomtoppen uitkomen. John Wardley liet zijn creativiteit echter de vrije loop en werkte een geheel nieuw concept uit voor Secret Weapon 3. Hij besliste om een B&M Inverted aan te leggen in een diepe krater en samen met de directie van het park bedacht hij een science fiction verhaal: tijdens opgravingwerken in de Forbidden Valley -het vernieuwde Thunder Valley- stuitte men op een buitenaards schepsel dat al ruim twee miljoen jaar geleden op aarde was beland en zich in een krater in het aardoppervlak had gevestigd. Gestoord in zijn eeuwige slaap zorgde het schepsel voor heel wat opschudding: bomen werden ontworteld, graafmachines vlogen als speelgoed door de lucht en gebouwen werden compleet verwoest. Om het beest te temmen bouwde met een stalen constructie: de achtbaantrack is als een keten rondom de krater en het verschrikkelijke beest gewrongen. John Wardley, de man achter Runaway Mine Train en The Haunted House (beiden uit 1992) kon zich met het project rond de eerste Europese Inverted coaster helemaal uitleven. Samen met B&M bouwde hij meer dan zomaar een achtbaan: met Nemesis bracht men een legende tot leven en construeerde men een coaster die meteen de geschiedenisboeken zou ingaan als één van de meest indrukwekkende ter wereld. Met een tracklengte van amper 716 meter en een maximale snelheid van 80 km/u schept deze achtbaan nochtans weinig verwachtingen. Door de hoogterestrictie van het park -die Alton Towers verbiedt om boven de boomgrens te bouwen- was men genoodzaakt de grond in te gaan. Het grootste gedeelte van de onvoorspelbare rit speelt zich af in een diepe ravijn, waardoor de hoogte van de lift-hill uitzonderlijk laag is voor dergelijke baan: amper 13 meter boven grondniveau! Alhoewel de eerste drop alles behalve spectaculair is, neemt de trein opeens een rotvaart en vanaf dat moment is er geen houden meer aan. Aan een duivelse snelheid word je door de inversie elementen gegooid: eerst -hoog boven de grond- een corkscrew, even daarna volgt een indrukwekkende zero-g-roll. Vervolgens duikt de trein onder de wachtruimte door en schrijd je rakelings over watervallen van bloed. Na een scherpe bocht neemt de trein nog meer snelheid richting een indrukwekkende looping, helemaal aangelegd in het diepste punt van de ravijn. Na nog wat pittige bochten en secties doorheen donkere tunnels volgt nog een snelle corkscrew vooraleer je aan volle snelheid de remmen invliegt. Wat een ervaring! Meteen wil je meer van deze topbaan en voordat je het weet sta je opnieuw aan te schuiven in de -overigens zeer knappe- wachtruimte. Nemesis is een erg knappe baan die dankzij zijn thema en geweldige interactie met zijn omgeving hoog boven de gemiddelde B&M Inverted coaster scoort. Wat Black Mamba is voor Phantasialand, is Nemesis voor Alton Towers: onmisbaar en de onbetwiste nummer één van het park.
Zoals eerder aangehaald was Nemesis niet de enige publieksfavoriet tijdens het midden van de jaren '90. Ook Thunder Looper was in een paar jaar tijd uitgegroeid tot een icoon, maar door aanhoudende klachten van buren en natuuractivisten werd de Thunder Looper aan het eind van het seizoen 1996 gesloten wegens geluidsoverlast. Om diezelfde redenen heeft het park een hoogterestrictie opgelegd gekregen: elke nieuwe attractie mag niet meer boven de boomtoppen steken. Dit resulteerde in prachtige staaltjes qua thema zoals Nemesis en Oblivion, maar deze hoogterestrictie maakte ook slachtoffers. Toen de Thunder Looper verdween kon het park niet anders dan uitpakken met nieuwigheden: in 1997 werden daarom meteen twee flatrides toegevoegd in Forbidden Valley. The Blade is een standaard Huss schommelschip dat al sinds 1980 in het park stond in de huidige X-Sector, maar in 1997 werd verplaatst en in een nieuw jasje werd gestopt. The Blade kreeg een aangepast post-apocalyptisch thema, geheel in de sfeer van Nemesis en net als deze supercoaster werd ook The Blade deels in de grond gegraven. Ook Ripsaw, de belangrijkste nieuwigheid van 1997, werd deels in de grond geconstrueerd. Ripsaw is een Huss Top Spin met indrukwekkende aqua play. Telkens weer verbazingwekkend om te zien hoe Engelsen gek zijn op water. Passagiers die plaatsnemen op deze roterende bank worden recht in het gezicht natgespoten door de 35 fonteinen die strategisch zijn geplaatst. Dit levert vooral heel wat kijklustigen op die maar niet genoeg lijken te krijgen van dit inmiddels klassieke kermisapparaat. Zowel The Blade als Ripsaw laat ik persoonlijk liever aan mij voorbijgaan, maar er is geen twijfel dat beiden erg goed geïntegreerd zijn in het thema van Forbidden Valley. Het einde van het seizoen 1997 betekende alweer het afscheid van een coaster in Forbidden Valley. The New Beast werd verwijderd om plaats te maken voor het volgende grootse project van Alton Towers. Air was immers gepland om te openen in 1998, maar omdat de techniek nog niet rijp was werd voorrang gegeven aan de diving machine Oblivion. John Wardley, maker van Nemesis, droomde ervan om een coaster te construeren waarin je zou vliegen als een vogel. Samen met B&M ging hij aan de slag en in 2001 was het zover. Secret Weapon 5 kwam tot leven en eindelijk kon men beginnen aan de bouw van de volgende succescoaster voor Alton Towers. Helaas verliep niet alles naar wens: de kosten die de vernieuwende technieken en geavanceerde treinen met zich meebrachten slorpten het budget op. Het originele concept met fonteinen, watervallen en meren waarboven je zou vliegen werden geschrapt wat meteen het nogal summiere thema van de baan verklaart. Het thema is gereduceerd tot een loungestijl met zachte blauwe tinten en een aantal onafgewerkte tunnels. De waterpartijen werden allen vervangen door een groen grastapijt. In 2002 opende Air, de eerste B&M Flying coaster ter wereld. De wachtruimte kronkelt langs en tussen de baan, maar kan nergens de prachtige aanleg van de Nemesis wachtruimte evenaren. Dankzij het dubbele station wordt de capaciteit een handje geholpen. De treinen ogen erg speciaal: je neemt plaats in zithouding waarna je door middel van een flexibele beugel wordt vastgezet. Vervolgens worden de treinen 90° omhoog gekanteld waardoor je in vlieghouding hangt. Vooral de eerste keer is dit een erg bijzondere ervaring, maar stiekem blijft het elke keer wel leuk om je rit op Air op die manier te starten. Na de fluisterende stem in het station "prepare for air, assume the position: now fly!" kleurt het station van geel naar blauw en verdwijn je in een tunnel. Toch valt op hoe onafgewerkt dit gedeelte is: hier had men toch meer mee kunnen doen zoals wat nevel of lichteffecten. Vervolgens word je de twintig meter hoge lift opgetakeld en duik je aan zo'n 75 km/u naar beneden. Meteen valt de unieke ritervaring op: liggend op je buik en zwevend door de lucht: heerlijk. Air bevat een sectie waarbij je van vlieg- naar lighouding gaat wat werkelijk een erg geslaagd gevoel geeft. Later draait de trein terug naar zijn originele vlieghouding. Beiden hebben hun sterktes. De vlieghouding geeft je een goed gevoel van vrijheid en zeker wanneer je laag over het gras vliegt krijg je een goed snelheidsgevoel. De lighouding is erg onvoorspelbaar aangezien je totaal niet ziet welke kant je opgaat: het enige wat je ziet is de blauwe hemel. Air is geen adrenaline coaster waar je haar van recht komt, maar eerder een ontspannende en vooral unieke coaster met een ritervaring die je nergens mee kan vergelijken. Alhoewel het thema op bepaalde punten wat tekortschiet heeft men met Air opnieuw een succesnummer in huis gehaald. Zonde dat dit nog steeds de enige B&M Flying coaster in Europa is. Ter wereld zijn er inmiddels zes geopend: vier in Noord-Amerika, één in Azië en één in Europa.
Temidden van het park liggen de legendarische Gardens. Het was de 15e Graaf van Shrewsbury, Charles Talbot die de opdracht gaf aan de architecten Thomas Allason en Robert Abrahams om van de troosteloze dorre vallei een paradijselijk groene omgeving te maken. Vandaar het bekende opschrift "He made the desert smile". The Gardens openden in 1860 voor het publiek en duizenden mensen kwamen naar Alton om te genieten van deze rustige oase. Op drukke dagen was er ook entertainment voorzien. Tegenwoordig laten heel wat attractieliefhebbers The Gardens links liggen, maar toch is het eens de moeite waard om één van de vele routes doorheen The Gardens te volgen. Bepaalde mensen uit de streek van Alton hebben zelfs een abonnement voor het park enkel en alleen om The Gardens te bezoeken. Het is er dan ook heerlijk vertoeven. Wie The Gardens liever vanuit de lucht bekijkt kan de Sky Ride nemen van Forbidden Valley naar Ug Land. In Ug Land komen we terecht in de prehistorie: beenderen van dinosaurussen en prehistorische themaobjecten werden in 1999 toegevoegd aan het voormalige Festival Park. Dit parkgedeelte is één van de oudste en het is hier waar de basis werd gelegd voor Alton Towers als succesvol attractiepark met de Corkscrew. De Corkscrew is identiek dezelfde coaster als de Tornado in Walibi Wavre en Superwirbel in Holiday Park die één jaar eerder openden op het Europese vasteland, maar de Corkscrew was in 1980 de eerste achtbaan die over de kop ging in Engeland. De Corkscrew zette Alton Towers meteen op de kaart. Niemand had toen kunnen vermoeden dat deze coaster met een prijskaartje van een slordige €1,9M de basis zou zijn van één van grootste attractieparken ter wereld. De ingang van de Corkscrew is sinds de komst van Rita: Queen of Speed verhuisd naar een uithoek van Ug Land. De wachtruimtes van Corkscrew en Rita lopen door elkaar wat nogal desoriënterend werkt, maar verder is er thematisch geen moeite gestoken in de wachtruimtes. De rit van de Corkscrew is er eentje vol nostalgie: na de zeer trage en zeer luidruchtige lift maak je een bocht naar rechts waar je langzaam wat snelheid opbouwt. Na nog een scherpe bocht naar rechts duikt de trein 21 meter naar beneden wat heel wat airtime oplevert. Veel tijd om te bekomen is er niet, want na een nogal bruuske bocht vliegt de trein de twee corkscrews in die aan een ideale snelheid worden genomen. Je krijgt daardoor een goed gevoel van over de kop te gaan. Wat volgt zijn nog een aantal bochten vlak langs en onder de supports door en een bayernkurve, een nogal onevenwichtige helix. Opvallend is dat de tweede helft van de rit eerder traag is. De Corkscrew is de ideale instapbaan voor iemand die de eerste keer over de kop wil gaan en is na meer dan vijfentwintig jaar nog steeds een vaste waarde in het park. Het is wel zonde dat de Corkscrew sinds de komst van Rita: Queen of Speed helemaal verdrongen ligt.
Ug Land is een gedeelte wat vroeger volledig werd gedragen door de Corkscrew, aangevuld met heel wat flatrides die het meestal maar een aantal seizoenen uithielden. John Wardley, bedenker van Nemesis, Oblivion en Air werkte ondertussen naarstig verder aan zijn zesde Secret Weapon. Het ging om een houten coaster van Intamin die samen met de Corkscrew de nostalgische sfeer in Ug Land zou verstevigen. De houten monstercoaster moest de langste, grootste en snelste houten achtbaan van de UK worden met een stevige first drop in de vallei van maar liefst 61 meter. De omwonenden van het park lieten hun stem horen en vreesden voor geluidsoverlast door zo'n groot houten gevaarte in hun achtertuin. Ook natuuractivisten gingen op hun achterste poten staan, want voor de bouw van deze houten reus zouden ruim honderd bomen uit de vallei verwijderd worden. Secret Weapon 6 werd geannuleerd en in razend tempo werd een nieuw concept uit de grond gestampt. In navolging van het succes van de Intamin Rocket coasters in de U.S.A. werd gekozen voor een baan met racethema. 2005 betekende dan ook een grote verandering in Ug Land: met uitzondering van de Corkscrew en de Ug Swingers moest alles wijken voor de aanleg van Alton's nieuwste coaster. Het thema van Rita: Queen of Speed is een groot contrast met het prehistorische thema van de Corkscrew. Rita: Queen of Speed is gethematiseerd rond een grote rally met langs het parcours opvallende speakers waaruit de Thunder Rock Rally Radio heel wat hits ten gehore brengt uit vervlogen tijden. De wachtruimte en het station ogen relatief kaal, wat toch een grote achteruitgang is tegenover het thematisch niveau van Nemesis, Oblivion en Air. In Rita: Queen of Speed word je gelanceerd aan ongeveer 100 km/u over een bochtig parcours met hier en daar een klein vleugje airtime. De snelheid waarmee je door de bochten raast is indrukwekkend, maar toch overtuigt de baan niet helemaal. Ten eerste is het traject aan de korte kant: na amper 30 seconden sta je terug aan de uitgang. Ten tweede zijn de beugels hoogst oncomfortabel: tijdens de rit spannen deze steeds meer aan door de G-krachten waardoor je tegen het einde van de rit helemaal gekneld in je stoeltje zit. Ten slotte is de baan op thematisch vlak een teleurstelling: niet alleen is het racethema ongepast binnen het prehistorische thema, maar het is vooral de zeer summiere aankleding van de wachtruimte en het station die toch teleurstellen wanneer we gaan vergelijken met die van Nemesis en Air.
Het gedeelte waar je nu Ug Land vindt was vooral tijdens de jaren '80 de thuishaven van heel wat flatrides. In 1984 opende de Huss Enterprise, inmiddels een echte klassieker onder de thrillattracties. De Enterprise werd in 1998 verhuisd naar X-Sector. Nog in 1984 opende het Magic Carpet, maar deze werd in 1985 al vervangen door 1001 Nights, een indrukwekkender vliegend tapijt dat in 1995 zou verdwijnen om plaats te maken voor de Energizer, een voorloper van een Top Spin met een bank die alle kanten opschommelt, maar niet over de kop ging. Deze attractie werd later omgedoopt tot Bone Shaker, maar wegens veelvuldige technische problemen werd de attractie in 2004 gesloten. 1986 bracht de Spider richting Festival Park, een klassieke octopus zoals we nu nog vaak op de kermis tegenkomen. In 1991 was de Spider uitgedraaid en werd deze vervangen door een Huss Tri-star. Na één jaar verdween ook deze flatride uit het park. In 1997 vervoegde de Huss Break Dance Dino Dancer het attractieaanbod in het toenmalige Festival Park. In 2002 werd deze verplaatst naar Forbidden Valley om er na het seizoen 2003 alweer te verdwijnen. Al deze thrillrides zijn inmiddels verdwenen uit het park, met uitzondering van de Enterprise die nu zijn rondjes draait in X-Sector. Tijdens al die jaren is er maar één flatride erin geslaagd overeind te blijven aan de zijde van de Corkscrew: de Ug Swingers, een klassieke Zierer kettingmolen die het familiegehalte van dit parkgedeelte wat omhoog krikt. De Ug Swingers zit sinds 1999 in een passend prehistorisch kleedje wat hem toch een unieke uitstraling geeft. Vlak naast Ug Land vind je Cred Street, een rustig kindergedeelte dat er thematisch nogal verouderd uitziet. In de jaren '80 was Cred Street vooral een exhibitiezone met tentoonstellingen rond motoren, antieke poppen en de Thunderbirds, een populaire tv-serie uit de jaren '60. In 1984 werd de Vintage Car Ride toegevoegd, een rondrit met oldtimers. Deze werd in 2005 gesloten en in 2006 vervangen door de Driving School, een verkeerspark voor de kleinsten. Tijdens de jaren '80 vond je hier maar liefst vier coasters: de Pinfari Big Apple van 1982 tot 1997, de Zierer 4 Man Bob van 1985 tot 1990, de Vekoma wilde muis Alton Mouse van 1986 tot 1991 en de Schwarzkopf The Beast van 1988 tot 1991. The Beast verhuisde vervolgens naar Forbidden Valley. Alton Mouse en 4 Man Bob werden verkocht aan andere parken. Sinds 1991 is Cred Street volledig op kinderen gericht met onder andere de Gallopers Caroussel, een klassieke draaimolen en de Bouncing Bugs, een vliegtuigmolen die sinds de komst van Rita: Queen of Speed in dit parkgedeelte staat. Sinds 2000 vind je er ook een Frog Hopper, een mini vrije val toren voor de allerkleinsten zoals we ook in Bellewaerde Park en Walibi Belgium vinden. Hoofdattractie van Cred Street was jarenlang Around the World in Eighty Days, een rustige darkride met bootjes die opende in 1981. Je maakte er een reis doorheen de wereld met grootse scènes die de sfeer uit Egypte, Venetië, Las Vegas, Nederland, Rio, Ijsland en Parijs opriepen door middel van decors en animatronics. In 1994 werd de attractie aangepast naar Toyland Tours om nog beter aan te sluiten bij het kinderthema van Cred Street. Toyland Tours volgde exact dezelfde route als zijn voorganger, maar nu werd je rondgeleid doorheen een speelgoedfabriek met roze olifanten, muzikale knuffelberen, dansende nijlpaarden en Sonic van de Sega-games. Toyland Tours had een groot fout gehalte, maar was telkens weer aangenaam om te doen, mede dankzij de aanstekelijke soundtrack. Begin seizoen 2004 werden plannen vrijgegeven waarop een aangepaste versie van Toyland Tours te zien was met een uitbreiding langs de buitenkant van het gebouw. De nieuwe versie zou bestaan uit een rustig binnengedeelte en een spannend buitengedeelte met een spectaculaire splash. Deze plannen werden echter afgevoerd, maar Toyland Tours kreeg tijdens de winter van 2004-2005 wel een grote aanpassing. Sinds 2005 verwelkomt Willy Wonka je er in Charlie and the Chocolate Factory, een darkride rond avonturen in een chocoladefabriek uit het populaire kinderboek van Roald Dahl. Na een lange ongethematiseerde buitenwachtruimte kom je terecht bij de pre-show waar Willy Wonka ons voorstelt aan de vier personen die een rondleiding doorheen zijn fabriek hebben gewonnen. Tijdens de darkride volgen we de avonturen van Veruca Salt, Violet Beauregarde, Mike Teavee en Augustus Gloop doorheen verschillende scènes die er eerder kaal uitzien. Het parcours van Charlie and the Chocolate Factory is identiek aan datgene van de vorige darkrides, maar de rit wordt vroegtijdig stopgezet omdat je wordt uitgenodigd in de glazen lift. Met deze lift vlieg je doorheen het dak van de fabriek heen. Een geslaagd effect dankzij de projectieschermen die 360° rondom de lift worden geprojecteerd. Charlie and the Chocolate Factory is net zoals zijn voorganger niet meteen een goede darkride. Het vaargedeelte is echt te leeg om te overtuigen en de sfeer is er nogal doods. De glazen lift is een combinatie van projecties en een simulator, maar ook hier blijf je wat op je honger zitten. Het effect is knap, maar eigenlijk is het niet meer dan 'je staat erbij en kijkt ernaar'. Een overweldigende ervaring is een bezoek aan Willy Wonka's chocoladefabriek zeker niet.
Cred Street ligt zowat in de achtertuin van The Towers, het icoon van het park waar alles begon. The Towers dateren al uit de 18e eeuw, maar het is pas sinds 2000 dat er ook een attractie gehuisvest is in de duistere gangen van The Towers. In Hex: the Legend of the Towers wordt een plaatselijke legende tot leven geroepen. Het is een koude herfstavond in 1821. De 15e Graaf van Shrewsbury keert terug naar zijn huis, Alton Towers. Langs de weg doorheen de bossen doemt een zonderlinge figuur op: een bedelaarster wil geld van de Graaf, maar hij weigert en laat de vrouw achter in de bossen. Zij schreeuwt en spreekt een vloek uit over de Graaf: voor elke tak die afbreekt van de Oude Eik zou een familielid van de Graaf sterven. Later die avond doemt een storm op en wat de oude vrouw zei gebeurt: er breekt een tak af van de Oude Eik en een familielid van de Graaf sterft diezelfde nacht op mysterieuze wijze. De Graaf roept zijn werkers op om elke tak van de Oude Eik in de kettingen te slaan, zodat geen enkele tak nog zou kunnen bezwijken. Geobsedeerd door dit fenomeen besluit de Graaf de afgebroken tak mee te nemen naar zijn geheim laboratorium om onderzoek te doen op de onheilspellende boom en de vloek voor eens en altijd te stoppen. Deze geheime plaats was meer dan tweehonderd jaar verscholen, maar tijdens recente restauratiewerken in The Towers vond men een doorgang naar de geheime kluis achter een boekenkast in de bibliotheek. Nu kunnen ook wij de geheime kamer van de Graaf bezoeken en het geheim van de Oude Eik ontrafelen. Het verhaal van deze madhouse is gebaseerd op de legende die al jaren de ronde doet doorheen de streek van Alton. Ongeveer een dikke kilometer van het park kan je zelfs de echte Oude Eik zien, geboeid in kettingen. Een bezoek aan deze boom is beslist de moeite waard. We hadden de eer de Oude Eik te bezoeken tijdens een hevige regenbui wat precies de sfeer van de pre-show uit de attractie opriep. In het prachtig verwilderde bos is het even zoeken, maar eens de Oude Eik opdoemt kan je er moeilijk naast kijken. Een erg interessante ervaring en zeker het ommetje waard. Terug naar de attractie: de wachtruimte van Hex is meteen al een goede opwarmer met allerlei onderzoeksmateriaal, beelden die zijn afgedekt met stoffige doeken en geheimzinnige beelden op diverse tv-schermen. Ook de twee voorshows zijn werkelijk prachtig in elkaar gestoken: de film die vertoond wordt is er één waar je meteen kippenvel van krijgt met een sfeer die wat doet denken aan de Tim Burton film 'Sleepy Hollow'. De film zuigt je meteen mee in de legende en voor je het weet sta je in een duistere ruimte waar een onheilspellende wind en speciale effecten je helemaal overmeesteren. De hoofdshow is mooi en vooral duister gedecoreerd met in het midden de vastgeketende tak van de boom. De draaibewegingen van de gondel zijn herkenbaar voor wie al wat madhouses heeft gedaan, maar wat deze madhouse onderscheidt van zijn soortgenoten is de adembenemende bombastische soundtrack en de overweldigende sfeer die in de attractie hangt. Na de helse rit kom je uit op de binnentuinen van The Towers waar je heerlijk kan kuieren. Neem zeker even de tijd om van de sfeer op dit binnenplein te genieten.
De X-Sector was een gebied dat werd toegevoegd in 1980 onder de naam Springfield Centre. Je kon er een route volgen waar reuzengrote dinosaurussen waren opgesteld. In 1984 werden deze dinosaurussen verhuisd naar The Log Flume waar ze als themaobject werden opgesteld langs het parcours van deze wildwaterbaan. Nog in 1980 vond je er de Cine 2000, een grote ronde tent waarin beelden van achtervolgingen en rollercoasters werden geprojecteerd. In 1993 werd deze show vervangen door de Astrodancer, een Huss Break Dance die in 1997 verhuisde naar Ug Land. Springfield Centre had nog een aantal flatrides waaronder het Huss schommelschip Pirate Ship -nu The Blade in Forbidden Valley-, een Huss Turbostar van 1984 tot 1989, later vervangen door Gravitron van 1990 tot 1992, een attractie gelijkaardig aan de Rotor op de Belgische kermissen. Van 1998 tot en met 2000 vond je de Energizer in X-Sector, een attractie die sinds 1995 naast de Corkscrew stond. Net zoals Ug Land kent ook X-Sector een rijk verleden als het aankomt op flatrides. In 1984 werd de naam van Springfield Centre veranderd naar Fantasy World met de introductie van een erg sfeervolle indoorcoaster. The Black Hole was een aangepaste Schwarzkopf Jet Star 2. Doorheen een heelal van sterren en asteroïden maakte je een mysterieuze reis van 600 meter lang in erg comfortabele treinen waar je per twee achter elkaar zat: lekker knusjes en voor koppels erg romantisch. Via een spiraallift bereikte je de top van de donkerblauwe tent. Vervolgens denderde je de 15 meter hoge drop naar beneden in complete duisternis. Met topsnelheden tot 70 km/u op een relatief kleine oppervlakte was het beslist een ruig ritje. De sfeer was erg vergelijkbaar met de sfeer die we nu nog kunnen proeven in de Revolution in Bobbejaanland en Euro Sat in Europa Park. The Black Hole werd in 2005 gesloten wegens verstrengde veiligheidsmaatregelen. Erg zonde, want The Black Hole was een geweldige en vooral sfeervolle coaster die in schril contrast stond met de aanwezige coasters in het park. Een rit in The Black Hole was telkens weer op en top genieten. Een vervanger laat voorlopig nog op zich wachten, maar het staat als een paal boven water dat een waardige indoorcoaster momenteel zeker ontbreekt in het aanbod. X-Sector bestaat momenteel nog uit drie attracties. Je vindt er twee sensationele pukerides die erg goed passen binnen het thema van de X-Sector. De Enterprise die sinds 1984 aan de zijde van de Corkscrew stond werd in 1998 gerestyled en verhuisd naar de X-Sector. De Enterprise staat echt mooi geïntegreerd in de laatste bocht van Oblivion en de zwart/grijze kleur geeft hem een eigentijdse en opvallende look. In 2001 werd de Submission toegevoegd aan de X-Sector, een double inverter van Chance Rides. Deze misselijkmakende machine had van 2000 tot 2004 een broertje in het toenmalige Six Flags Holland. De gondels van deze pukeride inverteren vele keren aan een traag tempo en passagiers blijven er vaak secondenlang ondersteboven hangen. Een attractie voor de gasten met een sterke maag.
In het seizoen 1997 werd zowat de gehele X-Sector zone leeggehaald -met uitzondering van The Black Hole- voor een groots project. Nadat Nemesis zo'n groot succes had teweeggebracht hadden John Wardley, Claude Mabillard en Walter Bolliger terug de handen in elkaar geslagen voor een nieuw project dat de coasterwereld op zijn kop zou zetten. Men werkte twee projecten uit: een flying coaster -die later zou openen als Air- en een vertical drop coaster, een achtbaan met een loodrechte drop van 90°. Aangezien de techniek nog niet klaar was voor een flying coaster werd voorrang gegeven aan het tweede concept. Gedurende het gehele seizoen 1997 werkte men aan Oblivion. Wegens de hoogtebeperking moest maar liefst 35 meter diep graven om de spectaculaire drop van deze wereldprimeur kwijt te kunnen. Oblivion opende in maart 1998 en haalde meteen de wereldpers: nergens ter wereld had men een drop van dergelijk kaliber gezien. Toegegeven: het is een erg sensationeel zicht om de trein te zien klimmen tot een schamele hoogte van amper 20 meter en traag een bocht te zien maken om vervolgens tot stilstand te komen op de hoek van de track. De trein kantelt zo'n 87° naar voren om daar een fractie van een seconde te blijven hangen. Door de speakers weergalmt dreigend "Don't look down" en meteen valt de trein naar beneden, loodrecht in een donkere mistige tunnel. Op dit moment haalt de trein een topsnelheid van bijna 110 km/u en is daarmee de snelste coaster in het park. Niet alleen het ritverloop oogt indrukwekkend, maar ook de brede treinen met plaats voor acht passagiers naast elkaar ogen imposant. Dit schept uiteraard hoge verwachtingen, maar jammer genoeg kan Secret Weapon 4 niet tippen aan zijn voorloper Nemesis en zijn jongere broer Air. Alhoewel het concept van Oblivion goed is uitgewerkt, de coaster perfect is geïntegreerd in zijn omgeving en de wachtruimte door middel van freaky filmpjes doeltreffend de spanning opbouwt, is de rit zelf eerder een koude douche. Uiteraard is het spannend wanneer je bengelt boven de donkere tunnel in de grond, maar met uitzondering van een kleine adrenalinestoot wanneer de trein loskomt van zijn hoogste punt, is de kick relatief klein. De drop zou een geslaagde start kunnen zijn van een stevige coaster, maar de opgebouwde snelheid van ruim 100 km/u wordt amper benut. Na een helling en één bocht zit je alweer in de remmen wat je toch met een wrang gevoel na laat. Uiteraard heeft dit veel te maken met het feit dat Oblivion in zijn tijd de eerste in zijn soort was. Nieuwe modellen van de Diving Machine in de beide Busch Gardens parken bewijzen dat er wel degelijk een lay-out achter de drop kan geplakt worden. Bij Oblivion moeten we het echter stellen met de drop en niets meer. Een concept dat -in tegenstelling tot Nemesis en Air- de tand des tijd dus niet zo goed heeft doorstaan en na een kleine tien jaar al wat verouderd is.
In 1986 creëerde Alton Towers een tweede kindergedeelte nadat Cred Street uit zijn voegen barstte. Kiddies Kingdom werd de nieuwe thuishaven voor heel wat kinderattracties en de allerkleinsten konden er zich vermaken op diverse klim- en klautertuigen, kleurrijke glijbanen, een springkussen en een ballenbad. In 1996 werd Kiddies Kingdom gesplitst in Adventure Land en Storybook Land. In 1997 kwam The Beastie het attractieaanbod in Adventure Land versterken. The Beastie is een Pinfari Super Dragon coaster die debuteerde in 1983 in het toenmalige Festival Park -nu Ug Land. In 1992 werd de coaster verplaatst naar de Thunder Valley -nu Forbidden Valley. In 1997 werd The Beastie uiteindelijk verplaatst naar een passend gedeelte. The Beastie past immers perfect in het kinderlijke karakter van Adventure Land. Met zijn rood/blauwe kleurenschema past hij goed bij de later toegevoegde Spinball Whizzer. The Beastie is de enige kindercoaster in het park die met zijn hoogte van vier meter en een topsnelheid van 13 km/u voor iedereen toegankelijk is. Dit kleine coastertje staat helemaal verdrongen in een achterbuurt van Adventure Land en de staat waarin het ding verkeert doet uitschijnen dat hij niet lang meer zal meedraaien. Het beestje is uiteindelijk een weinig populaire attractie en past qua uitstraling niet echt bij het park. De nieuwigheid voor 2004 was Spinball Whizzer. Tussauds had dat jaar blijkbaar een interessante deal gesloten met Maurer Söhne, want niet alleen in Alton Towers werd een spinning coaster geopend, maar ook in Chessington: World of Adventures opende een gelijkaardige coaster, doch met een unieke lay-out en thema. Spinball Whizzer stelt een grote flipperkast voor met de treinen als zilverkleurige ballen die doorheen de machine geslingerd worden. Een puik idee, maar de uitwerking laat te wensen over. De coaster is geplaatst alsof het een kermiscoaster is: geen tunnels of buitengewone thematisering zoals we zien bij de drie B&M's in het park. De thematisering is beperkt tot een aantal spelletjes in de eindeloze wachtruimte. Helaas werkt tegenwoordig geen één van deze spelletjes, waardoor ze er maar doelloos bijstaan. Daarnaast zien we een aantal plasticogende themaobjecten tussen de track die het gevoel van een flipperkast moeten versterken. De wachttijden bij Spinball Whizzer lopen vrijwel altijd op tot één uur of meer door de erbarmelijke capaciteit van amper 900 personen per uur. Ter vergelijking: Nemesis kan 1.400 en Air tot 1.500 personen per uur verwerken. Oblivion slaagt er zelfs in om 1.900 personen per uur te verwerken wanneer alle treinen worden ingezet. Wanneer je de traag schuivende wachtruimte eindelijk hebt overleefd wacht je een onvoorspelbare, maar vooral zeer ruwe rit waarbij je werkelijk alle kanten wordt uitgeslingerd. Klinkt leuk, maar aangezien de track stikt van de remsecties -een ware traditie bij Maurer Söhne- kom je vaak bruusk tot bijna stilstand vooraleer je weer door een aantal meter track stoot. Spinball Whizzer was een dieptepunt in de coasterhistoriek van het park en is nog steeds een coaster die onvoldoende is geïntegreerd in zijn omgeving en een onaangename rit biedt. Adventure Land is een nogal teleurstellend gedeelte met ongeïnspireerde thematisering en flauwe familieattracties.
In 1996 werd Kiddies Kingdom ingedeeld in Adventure Land en Storybook Land. Deze laatste themazone is een erg gezellig en knus gedeelte in het park dat zich vooral richt op kinderen, maar ook volwassenen betovert met zijn sprookjesachtige sfeer. Via een mooie ingang met aan beide zijden glimlachende bomen kom je terecht in een wondere wereld die een vleugje Kaatsheuvel naar Stoke-on-Trent brengt. Je wordt er verwelkomd door een boekenwurm die je door middel van een druk op een knop tot leven kan wekken. De boekenwurm vertelt je graag allerlei anekdotes gaande van raadseltjes en grapjes tot liedjes en gedichten. Enige attractie in Storybook Land is de Squirrel Nutty Ride, een charmante monorail die je via een lange rit doorheen Storybook Land en Old MacDonalds Farm voert. Je neemt er plaats in een grote eikel voortgeduwd door een schattige eekhoorn. Het traject bevat een aantal kleine hoogteverschillen en een mooi thema met reusachtige bomen en fantasierijke huisjes waar je doorheen rijdt. Oorspronkelijk waren er pedalen in de monorails geplaatst, maar aangezien de wagentjes elektrisch aangedreven zijn hadden deze geen enkele functie en werden ze snel verwijderd. Storybook Land is dan geen zone met de modernste coasters, maar het is een erg gezellige en rustgevende zone die je een welgekomen adempauze biedt tussen al het coastergeweld.
De laatste zone in het park is Old Macdonalds Farmyard, net zoals Cred Street, Adventure Land en Storybook Land een themagebied dat zich vooral richt op kinderen. Old Macdonalds Farmyard kent zijn ontstaan in 1989 als Britannia Farm, een gedeelte gethematiseerd naar het plattelandsleven. Oorspronkelijk leefden er ook echte dieren op de kinderboerderij, maar in 2001 werden de dieren getroffen door mond- en klauwzeer. Sindsdien vind je geen echte dieren meer in dit gedeelte, maar door middel van de stevig uitgewerkte thematisering en originele kinderattracties blijft het een erg geslaagd gedeelte voor de jongste bezoekertjes. Je vindt er ook een attractie voor de ganse familie. De Riverbank Eye Spy is een originele bootrondrit met een klankband die raadseltjes afspeelt als je passeert langs de scènes met uitbeeldingen van dieren. Door middel van een knop kan je het antwoord op de raadsels via dierengeluiden laten weerklinken, wat menig kind -én volwassene- pleziert. Het tempo van de boten is echt tergend traag en de aanleg is nogal open met te weinig groen, maar het interactieve aspect onderscheidt de Riverbank Eye Spy toch van zijn soortgenoten. De originele versie opende al in 1990 als Canal Ride. De dierengeluiden werden toegevoegd in 1999 en dit jaar werden de platte 2D-borden met dierenafbeeldingen vervangen door drie-dimensionele personages zoals konijnen, varkens en schapen. Sinds 1995 vind je in Old Macdonalds Farmyard ook een kleine, maar prachtig gethematiseerde draaimolen Doodle Doo Derby. Ook hier kunnen kinderen door middel van knoppen dierengeluiden produceren. Nog in 1995 werd de Tractor Ride toegevoegd, een rondrit op tractoren waar kinderen het gevoel krijgen dat ze zelf chauffeur zijn. Een gelijkaardige attractie staat in Plopsaland. 1995 was een belangrijk jaar voor Old Macdonalds Farmyard, want toen opende ook de Singing Barn. In deze schuur staan een tiental animatronics. Met een druk op de knop beginnen de dieren één voor één te zingen "Old MacDonald had a farm …" wat vooral voor veel kinderen een erg leuk schouwspel geeft. Alton Towers is op alle gebieden een indrukwekkend park, vooral dankzij de verwezenlijkingen van John Wardley die vooral met Nemesis (1994), Oblivion (1998) en Air (2002) wereldfaam verwierf, maar met de Runaway Mine Train (1992), The Haunted House (1992) en Hex (2000) bewees dat hij ook meer kon dan enkel sensationele attracties ontwerpen. John Wardley slaagde er telkens in om een stevige ritervaring te combineren met uitdagende en goed uitgewerkte thema's. Alhoewel er in de loop van de geschiedenis heel wat klassiekers uit het park zijn verdwenen zoals de Thunder Looper en The Black Hole is de achtbaan waarmee alles begon nog gespaard gebleven van de sloophamer. De Corkscrew is dan ook een terechte klassieker in het park en nog steeds erg geliefd door het Engelse publiek. Ook andere oudere attracties uit het pre-Tussauds tijdperk zijn nog steeds erg populair zoals The Flume en de Congo River Rapids al zijn deze thematisch minder sterk dan de attracties uit de jaren '90. De laatste jaren slaagt Alton Towers erin vaak teleur te stellen. Alhoewel men de laatste jaren kwantitatief veel investeert in het park met Spinball Whizzer (2004), Rita: Queen of Speed (2005) en Charlie and the Chocolate Factory (2006) leveren ze duidelijk niet meer de kwaliteit van weleer. De twee nieuwste coasters zijn thematisch erg onsamenhangend en zeer summier uitgewerkt en kunnen op geen enkel vlak tippen aan de twee monstercoasters in Forbidden Valley (Nemesis en Air). Alhoewel het park over zijn hoogtepunt heen lijkt is het zeker een bezoek waard, want waar in Europa vind je een Flying coaster, een Diving Machine, een hypergethematiseerde Inverted coaster én een authentiek oud kasteel inclusief vallei met tuinen? Inderdaad, enkel in Alton Towers! Allen daarheen! |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||